Blijf aan de top in Google: verbeter je EAT-score

Blijf aan de top in Google: verbeter je EAT-score

Wees gerust, dit wordt geen foodblog. In een poging om haar gebruikers steeds de best mogelijke info voor te schotelen is Google al  een paar jaar druk met de EAT-score. Wat dat precies is en hoe je de EAT-score van je blog kan verbeteren vertel ik in dit artikel.

Wat is de EAT-score?

EAT staat voor Expertise, Authoritativeness and Trustworthiness. Expertise, autoriteit en betrouwbaarheid in het Nederlands. Drie termen die nauw met elkaar verweven zijn en terug te brengen naar geloofwaardigheid.

In een wereld waar iedereen probleemloos alles op het internet kan slingeren gaat Google nadrukkelijker op zoek naar betrouwbare pagina’s om te tonen in de zoekresultaten.

Het belang hiervan kan nauwelijks onderschat worden in tijden waarin een stuk tekst net zo goed afkomstig kan zijn van artificiële intelligentie. En over het gemak waarmee fake news een eigen leven kan gaan leiden hebben we het dan nog niet eens.

Wil je de SEO van je blog verzorgen, dan volstaat het niet noodzakelijk meer om aandacht te hebben voor de puur technische kant van zoekmachineoptimalisatie. Je site zal ook voldoende expertise, autoriteit en betrouwbaarheid moeten uitstralen.

EAT en YMYL

Er zijn niches/domeinen/vakgebieden waar een goede EAT-score nog belangrijker is dan elders. EAT wordt hier vaak in één adem genoemd met YMYL(-content). Waarbij YMYL staat voor Your Money (or) Your Life. Nee, dit is géén overval. Het gaat hier om content die mensen potentieel in gevaar kan brengen (als ze op basis van de info uit een artikel een verkeerd handelen of verkeerde beslissingen nemen). Voorbeelden van YMYL-content:

  • medisch(e) advies/informatie
  • juridische info
  • financieel advies

In die domeinen wil Google geen risico lopen en zal het dus extra streng de EAT-score in de gaten houden.

Het is anderzijds ook weer niet zo dat – wanneer je niet blogt over YMYL-onderwerpen – je je niks meer moet aantrekken van EAT! Google zal overal naar tekenen van expertise, autoriteit en vertrouwen zoeken. Ook als je een site hebt over ufo’s, kantklossen, zelfgebreide babymutsjes, vingerhoedjes of miniatuurtreintjes.

Hoe kan je de EAT-score van je blog opkrikken?

Goed, je blog moet – op termijn – een behoorlijke EAT-score genereren. Maar hoe maak je daar concreet werk van als (beginnende) blogger?

Om effectief te zijn moet EAT voldoende doorsijpelen:

a) De EAT-score voor je content

1. Blog vaak over dezelfde onderwerpen

Niet voor het eerst komen de voordelen van een nicheblog hier bovendrijven. Heel logisch, eigenlijk. Door de jaren heen bouw je een blog op met een heel archief aan info op. Allemaal omtrent dat ene onderwerp van jouw keuze. Als we er even van uit gaan dat hetgeen je vertelt inderdaad waardevol en nuttig is, is het normaal dat jouw blog het wint van het piepjonge blog dat net om de hoek komt kijken.

2. Plaats links naar betrouwbare bronnen

Dit is een heel makkelijke manier om expertise en autoriteit op je blog binnen te brengen. Zelfs als volslagen beginner. Doe je ergens een bewering? Citeer je een cijfer? Link in je artikel indien mogelijk naar de bron van je info. Je maakt Google – en je lezer – meteen duidelijk dat je niet om het even wat uit je duim komt te zuigen; dat je zinnens bent je lezers te voorzien van de best mogelijke info.

3. Plaats interne linkjes

Links naar blogs en pagina’s binnen je eigen site zorgen er niet alleen voor dat bezoekers langer op je blog blijven. Ze zorgen er ook voor dat Google makkelijker verbanden kan zijn tussen verschillende artikels op je site. Zoekmachines krijgen makkelijker een soort helikopter view van je site. Dat is goed voor je EAT-factor.




4. Maak je artikels informatief (genoeg)

Oké, daar gaan we weer! Hoeveel woorden moet een artikel tellen om echt waardevol te zijn? Moeilijk te zeggen. De meeste artikels die je in de top 10 van Google vindt zijn inderdaad wat langer van stuk (richting 2.000 woorden). Maar dat zegt natuurlijk niet alles.

De hamvraag is: “Wat heb je nodig opdat de bezoeker die op jouw blog terecht komt een antwoord kan krijgen op zijn vraag?”

Dat kán een uiteenzetting zijn van 4.150 woorden, maar net zo goed volstaat een uitleg van 316 woorden vergezeld met een foto en/of een overzichtelijk tabelletje met wat cijfermateriaal, of een lijst met linkjes, of een Youtube-video.

5. Probeer schrijffouten te vermijden

EAT heeft veel te maken met geloofwaardigheid. En bij geschreven content val je onmiddellijk door de mand wanneer in de eerste drie zinnen van je betoog een stuk of wat dt-kemels staan te blinken. Ik zeg niet dat een grammaticale blunder je meteen je hele reputatie kost, maar let er een beetje op.

Eén en ander wil overigens ook niet zeggen dat je moet gaan schrijven alsof je in the running bent voor een literaire prijs of als een volbloed academicus. Nee, je eigen tone of voice geeft je blog een natuurlijk sausje. Het maakt je blog sympathiek en toegankelijk.

b) Jouw EAT-factor als een auteur

Natuurlijk kan je je stinkende best doen om jezelf als dé expert in jouw vakgebied neer te zetten, content maken tot die er langs je oren uitkomt. Je hebt er echter helemaal niets aan zolang anderen dat niet (net zo) zien. Backlinks naar jouw blog (afkomstig van andere sites met een goeie EAT-factor) zijn dus erg waardevol.

En tot die tijd zal je je toch op één of andere manier in de kijker moeten spelen. Liefst nog bij mensen die wat aan je kennis zouden kunnen hebben. En op een positieve manier! Dus:

1. Maak een fatsoenlijke About-pagina

Sommige bloggers weten niet zo goed wat ze moeten beginnen met die About-page. Maar op de keper beschouwd is dat wel de plaats waar je in geuren en kleuren kan uitleggen wie je bent, waar je goed in bent en waarom je doet wat je doet. Die About-sectie is overigens niet compleet zonder enkele links naar eventuele andere online projecten waar je aan meewerkte.

2. Overweeg iets met gastbloggen

Je moet er niet aan twijfelen dat je de EAT-score van je blog sneller en makkelijker kan optrekken als je je niet uitsluitend concentreert op je eigen blogje. Je moet naar buiten treden met je content. Zichtbaar worden op andere kanalen. Zo kan je gastartikels schrijven (op andere websites). Je mag in dat geval meestal een link naar jouw eigen blog achterlaten. Welke link kies je dan? In ieder geval niet een linkje naar je homepage. In het kader van EAT is het slim om te linken naar de About-page. Zo raakt die pagina verspreid over het internet en werk je zoetjesaan aan je “auteursprofiel” in de ogen van Google.

3. Denk aan een Youtube-kanaal

Een niet onaanzienlijk deel van mijn lezers loopt niet echt warm voor Youtube. Laat staan dat ze zouden overwegen om zelf een Youtube-kanaal te starten. Nochtans, een stek op Youtube met daarnaast je blog, het heeft zo zijn voordelen. Je bereikt meer mensen en je merk krijgt een tweede stem, een tweede gezicht…

4. Laat je opmerken op social media

Als het om het rechtstreekse verkeer naar het blog gaat is bij social media het vet misschien een beetje van de soep. Dat wil echter niet zeggen dat bloggers er niks meer te zoeken hebben. In tegendeel! Het is en blijft het medium om:

  • te ontdekken wat er leeft bij je volgers en je doelgroep
  • contacten te leggen met je doelgroep en met collega-bloggers
  • je volgers snel bij te staan met raad en daad
  • nieuwe mensen kennis te laten maken met jouw werk

Nogmaals, veel blogverkeer levert dat allemaal niet op. De naamsbekendheid van je blog vaart er echter wel bij. En vroeg of laat levert dat waardevolle backlinks én bezoekers naar je blog op.

c) Geloofwaardigheid op je website

Tot slot moet ook je website zelf aan de EAT-standaarden voldoen. Opgelet: de (minimum)-EAT-standaarden verschillen erg van het soort website dat je hebt. Zo zullen er voor hobbyblogs duidelijk andere eisen worden gesteld dan voor webwinkels of bankinstellingen. Niet alleen als het om YMYL-content gaat.

Stel: je bezoekt voor het eerst een blog of website. Wat doet je – heel onbewust misschien – beslissen of het de moeite loont om er nog wat te blijven rondhangen, dan wel onmiddellijk weg te klikken? Voor een doorsnee blog lijkt me dit het strikte minimum:

1. Heb je een blog op een eigen domein?

Natuurlijk kan je ook op een gratis blog een deuk in een pak boter bloggen. Voor de mensen die je niet direct kunnen plaatsen (en dat zijn er nogal wat op het internet) heb je de schijn tegen. Zo’n gratis blog ademt nu eenmaal goedbedoeld en tijdelijk amateurisme uit.

2. Is je website beveiligd met een SSL-cerificaat?

Zelfs als je op je blog geen financiële transacties organiseert moet je domein een SSL-certificaat hebben.

3. Is de eigenaar van de site bekend en benaderbaar?

De meeste bezoekers vinden het prettig om te weten wie hun favoriete content verzorgt. Zeker op een kleine website of blog. Je hele hebben en houden op straat gooien hoeft niet, maar een (auteurs)naam, een gezicht, een mailadres, tekenen van recente menselijke activiteit op een blog,… Schept het geen band, dan toch een minimum aan vertrouwen.

Tot zover enkele tips voor een betere EAT-score van je site. Het komt er op neer dat Google – maar ook je bezoeker – duidelijker wil weten wie of wat er achter je blog schuilgaat. Nadien moet je dan nog tonen wat je in je mars hebt…


Meer van dat?

Afbeelding van congerdesign via Pixabay

 

23

No Responses

Show all responses

Write a response

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.