Kan je goed leren bloggen in 6 weken tijd?

Zemanta Related Posts ThumbnailDie vraag laat me niet meer los sinds ik onlangs een zes weken durende online blogcursus volgde. De cursus viel behoorlijk tegen en het feit dat ik ‘m gratis mocht volgen (in ruil voor een review op dit blog) verandert daar hoegenaamd niets aan.

Zeker, mijn verwachtingen waren hooggespannen. Ik behoorde niet tot de doelgroep (dat vind ik tenminste van mezelf). Maar zelfs als ik in de schoenen van de doelgroep ging staan, begreep het opzet van de cursus  niet helemaal. En het is niet denkbeeldig dat een autodidact met zo’n 1.000 artikels op de teller – waarvan minstens de helft over bloggen – een beetje kregelig en wanhopig wordt als beginnende bloggers wat te erg in een bepaalde richting worden gestuurd.

Iedereen op één hoopje

Dat is het probleem met online blogcursussen die een groot publiek aanspreken: je spreekt heel veel verschillende mensen aan. Bloggers die je allemaal waar voor hun geld moet zien te geven. Dat is vragen om problemen. Als ik in de loop der jaren één ding geleerd heb, dan is het wel dat er net zoveel manieren zijn om een blogproject te benaderen als dat er bloggers zijn. Elke blogger is anders (zo hoort het ook), en elke blogger wil andere dingen (bereiken) met zijn/haar blog. Bovendien, elke blogger heeft andere dingen nodig om dat doel te bereiken.

Terug naar de beginvraag. Kan je goed leren bloggen op zo’n korte tijd? Persoonlijk denk ik dat dat moeilijk is. Hooguit krijg je een trap onder je kont (waardoor je hopelijk in de juiste richting belandt). Er zijn wel twee belangrijke voorwaarden:

  1. Beide betrokken partijen – cursusgever en cursist –  zijn het met elkaar eens over de vraag wat goed leren bloggen nu eigenlijk betekent.
  2. De cursist voelt de schop onder zijn kont lang genoeg doorwerken en krijgt dus genoeg handvatten mee om nog een tijdje verder te kunnen sleutelen en slijpen aan zijn blogproject. Succesvol bloggen is immers vooral een lange termijnproject.

En dan nog: als je een deuk in een pak boter wil leren bloggen, dan is het schrijven van goeie artikelen nog niet eens het halve werk. Enige kennis van internetmarketing, zoekmachineoptimalisatie en (het gebruik van) social media zijn bijvoorbeeld even cruciaal voor het welslagen van je blogproject. Het zijn deelprojecten waar je op zich al een cursus kan rond uitwerken.

Beide betrokken partijen – cursusgever en cursist –  zijn het met elkaar eens over de vraag wat goed leren bloggen nu eigenlijk betekent.

Ik geef grif toe dat dat allemaal moeilijk in een online-cursus te proppen is. Helemaal als je je richt op beginnende bloggers en hen bovendien ook effectief wat wil laten schrijven onderweg.

Goed leren bloggen: een individueel traject

Goed leren bloggen is en blijft volgens mij vooral een kwestie van beginnen en volgehouden zelfstudie. Mijn advies: start gewoon met bloggen. Het internet bulkt van de tips en adviezen omtrent het opzetten en onderhouden van een blog met substantie. Op sommige plekken is deze info zelfs behoorlijk gestructureerd samengebracht. 😉 Lees onderweg één van deze blogboeken en ik verzeker je: de schop onder je kont die je krijgt blijft nog wel even voelbaar!

Wanneer online blogcursussen dan in beeld komen? In ieder geval zou ik proberen je pas met (blog)cursussen in te laten als je al een tijdje aan de weg timmert. Dat heeft wat voordelen:

  1. Je weet veel beter waar je met je blog naartoe wil
  2. Je weet beter welk aspect van het bloggen nog moet worden bijgespijkerd
  3. Je kan – op basis van de twee voorgaande punten gericht op zoek gaan naar een cursus die bij je past
  4. Je kan gerichte vragen stellen tijdens de cursus

Er valt overigens ook wel wat te zeggen voor individuele blogcoaching om bepaalde deelaspecten van het bloggen onder de knie te krijgen. Als het goed is kan je op die manier een stuk doelgerichter aan de slag…

Voluit bloggen

Sharp Ben In persona

Ik wil vandaag nog even terugkomen op het vergif dat Proberen heet. Bloggen en proberen, het gaat namelijk niet echt samen. Succesvol bloggen aan de ene kant vergt namelijk een veel te groot engagement, terwijl proberen aan de andere kant al te makkelijk aanleiding geeft tot uitstelgedrag. En dat uitstelgedrag is dan weer funest voor je engagement. Want van uitstel komt afstel. Zeker bij bloggen.

Maar goed, hoe zorg je er dan voor dat je niet in de val van het proberen trapt?

1. Voluit bloggen: ban het woord “proberen” uit je vocabulaire

De reden hiervoor is erg simpel. De woorden die we uitspreken zijn een afspiegeling van hoe we ons voelen. Dat hoeft geen probleem te zijn, ware het niet dat ons gevoel, onze overtuiging veel vaker dan ons lief is meer dan een indicatie is voor het uiteindelijk behaald resultaat.

Het is natuurlijk heel verleidelijk om je te verstoppen achter het werkwoord proberen. Je houdt als vanzelf een slag om de arm. Als het lukt kan je jezelf fier op de borst kloppen. Draait het allemaal op een sisser uit, dan hoef je niet beschaamd door het stof te kruipen. Iedereen – jijzelf incluis – was immers impliciet voorbereid op een eventueel fiasco.

Door simpelweg te zeggen: “Ik ga proberen bloggen.” Geef je zelf al aan dat je er niet in gelooft, dat je twijfelt over de haalbaarheid van het project. En als het er echt om gaat zal diezelfde twijfel ervoor zorgen dat je afhaakt wanneer het echt lastig wordt. Niet doen dus!

2. Je doet het of je doet het niet

Het is misschien wat vergezocht, maar toch: vergelijk het bloggen met skydiven of parachutespringen. Je springt of je springt niet. Een tussenweg is er niet. Hang je op duizenden meters boven de grond, loopt het je dun in de broek en beslis je om toch maar niet te springen, dan kan je niet zeggen dat je een valschermspringer bent (geworden). Spring je toch, dan moet je er alles aan doen om ervoor te zorgen dat die verdomde parachute opengaat. Al je het allemaal nog wil kunnen navertellen heb je domweg geen keuze!

3. Kijk intussen niet te veel naar anderen

Dat is bij nader inzien niet helemaal correct. Je mag jezelf best met andere bloggers vergelijken – vooral inspiratie opdoen is niet verboden – maar het heeft geen zin om voortdurend met afgunst naar “grotere” blogs te kijken. Het mag er in geen geval toe leiden dat je je laat ontmoedigen.

4. Engageer je 100% voor je blog

Start je een blog dan moet je er vol voor gaan natuurlijk. Een beetje zoals de Spaanse ontdekkingsreiziger Hernan Cortés, die toen hij voet aan wal zette in Amerika opdracht gaf aan zijn mannen om de schepen te verbranden. Ongetwijfeld een wat naïeve actie maar wel een statement dat kan tellen: “Er is geen weg terug. Onze toekomst ligt hier voor ons, en we zijn hier om er het beste van te maken.”

Een en ander hoeft trouwens niet te betekenen dat je je voor eeuwig en drie dagen aan je oorspronkelijk plan moet houden of dat je nooit eens een doodlopend straatje zult inslaan. Pas zo nu en dan dus gerust je strategie aan. Zoek voortdurend naar je nieuwste plezier en dito mogelijkheden.

Het simpele feit dat je er vol voor gaat zal ervoor zorgen dat je stug door blijft bloggen en veel makkelijker het onderste uit de kan zult halen, alle mogelijkheden uit zal putten. Voluit bloggen maakt je vindingrijk en doet je out of the box denken. Dat moet je hebben als blogger!

Adblockers en gratis content gaan niet samen

Zemanta Related Posts ThumbnailAlvast in België rust 1 internetter op 8 zijn browser uit met een adblocker. En iets in mij zegt dat dat cijfer in Nederland nog een stukje hoger ligt. Dit kan op termijn onmogelijk zonder gevolgen blijven.

Nu steeds meer marketeers en bedrijven het net lijken te beschouwen als hét belangrijkste advertentiekanaal, is het voor ons als digitale consumenten somtijds zoeken naar redactionele content zonder commerciële bijbedoelingen.

Nu hoeft dat op zich niet eens zo’n groot probleem te vormen. Google even op “adblocker” (gevolgd door de naam van je internetbrowser) en je kan er per direct mee aan de slag. Het is een stuk aangenamer surfen zonder al die vervelende banners en popups, toch?

Vorm van diefstal

Maar niet iedereen vindt de wildgroei aan adblockers zo fijn. Met name voor adverteerders, webmasters, uitgevers en andere bloggers is dit een ferme streep door de rekening. Nogal wiedes, want de meeste online verdienmodellen zijn in grote mate gebaseerd op het aantal internetgebruikers dat effectief zo’n reclameblok – of affiliatelink te zien krijgt. Als echter een groot deel van het publiek niet meer met een banner wil worden geconfronteerd…

Het is een beetje alsof je de dagbladhandel binnenstapt, er je favoriete tijdschrift koopt, de advertentiepagina’s eruit scheurt en dan verwacht dat je het blad met korting (of helemaal gratis) meekrijgt. Terwijl het eigenlijk veel logischer is als je net méér zou betalen. Want de adverteerder gaat hiermee rekening houden en een lagere prijs eisen voor zijn advertentieruimte. Minder advertentie-inkomsten kan voor de lezer  slechts twee dingen betekenen: een blad van mindere kwaliteit en/of een (veel) duurder blad.

Een verantwoordelijke van een groot Belgisch mediabedrijf schuwde onlangs de grote woorden niet. Hij bestempelde (het gebruik van) adblockers als “Een vorm van diefstal”, einde citaat. Persoonlijk lijkt me dat wel erg cru gesteld, maar ik kan wel begrip tonen voor zijn uitspraak.

Al spookt er (alweer) een spreekwoord door mijn hoofd: “Wie een put graaft voor een ander, valt er zelf in.” We hebben de vloek van de adblocker over onszelf afgeroepen, maar dat even terzijde. De geplaagde CEO kwam trouwens meteen op de proppen met een oplossing voor zijn probleem: “Geef adblocker-gebruikers minder gratis content.” 

Enfin, nu reeds zijn er mediabedrijven die in die richting denken. Wie op de site van de Duitse tabloidkrant Bild aankomt met een adblocker wordt vriendelijk verzocht die (tijdelijk) uit te schakelen of een abonnement te nemen.

Democratisch internet in gevaar?

“So what, mijn zorg niet,” hoor ik je denken. Dat is je goed recht. Maar als adblockers nog populairder worden dan komt de dag dat grote hoeveelheden content niet meer vrij voor iedereen toegankelijk is, maar meer en meer zal verdwijnen achter een betaalmuur. Want geef toe, is het niet erg verleidelijk om massaal het voorbeeld van Bild te volgen? Weliswaar met dat ene verschil: de keuze om de adblocker uit te schakelen achterwege te laten en de gebruiker meteen langs de kassa te laten passeren.

Toegegeven, ik neem hierbij terecht of onterecht aan dat adverteerders enkel geassocieerd willen worden met content van topkwaliteit. Waarbij ik overigens niet gezegd wil hebben dat Bild topkwaliteit zou aanbieden die ik voor geen goud zou willen missen. Ik wil het trouwens ook niet laten uitschijnen alsof enkel de content waarmee adverteerders een voet tussen de deur hebben de moeite waard is, maar je begrijpt waar ik naartoe wil.

Wat er ook van zij, er zullen grote groepen mensen ontstaan voor wie het wereldwijde web een stukje kleiner wordt omdat men het niet wil of kan betalen. En – ook gevaarlijk – veel meer dan nu al het geval zullen anderen bepalen welke stukken gratis zijn en welke niet.

We moeten met z’n allen maar eens gaan nadenken over wat voor soort internet we nu eigenlijk willen. Als weldenkende veertiger (voor wie het wereldwijde web een belangrijk venster op de wereld is, dat moet ik toegeven) geef ik alvast de voorkeur aan een internet met zo weinig mogelijk barrières. Dat ik dan al eens een kamerbreed uitgerolde banner moet wegklikken of per ongeluk een cookie moet toestaan neem ik dan graag voor lief.

We worden ieder wakker moment van de dag overspoeld door reclame (die we niet kunnen wegfilteren), dus die paar commerciële uitingen mogen niet echt een probleem vormen.

Voor niks gaat de zon op

Ik begrijp best dat diegene die mij zeer regelmatig voorziet van gratis hoogwaardige informatie zulks niet blijft doen voor de hemelse dauw of om mij een plezier te doen. Vroeg of laat wil hij of zij daar iets voor terug. Dat kunnen mijn digitale schouderklopjes zijn, maar daar kan je natuurlijk geen brood voor kopen. Investeren in een betere site of blog – met nog betere content – lukt ook niet met alleen schouderklopjes, +1’s, likes en retweets.

En natuurlijk kàn bloggen helemaal gratis. Je hoeft er dus geen geld in te steken als je dat niet wil (daarmee is bloggen voor mijn part een hobby met een haast onklopbare verhouding prijs/fun). Maar wil je het bloggen echt serieus aanpakken – en dus een site online wil zetten die een beetje aan de verwachtingen van de rot verwende internetter voldoet – dan zal dat vroeg of laat toch geld gaan kosten. Domeinnaam en hosting vormen dan slechts het topje van de ijsberg. Een beetje blogger zal al snel moeten investeren in extra webruimte voor het blog, een fototoestel, materiaal om video’s te schieten, een gelikt lay-outje, goodies voor winacties (al worden die laatsten vaak gesponsord) enzovoort.

Als je al het voorgaande inderdaad kan bekostigen met inkomsten uit advertenties, affiliatemarketing, advertorials en dies meer, dan is je blog reeds lang het stadium van puur hobbyproject gepasseerd, daar kan je vergif op innemen. Dan is je blog niet meer iets dat je er zomaar even bijneemt. Het betekent in het overgrote deel van de gevallen 365 dagen op 365 minstens een paar uur bezig zijn met je blog. Kan je nagaan wat het betekent te moeten (kunnen) leven van je site, laat staan als je via die site ook nog eens het loon van medewerkers moet kunnen betalen…

Waar het mij hier vooral om gaat is dat adverteerders en uitgevers – professionals en ietwat geflipte hobbyisten – indien gewenst in staat moeten kunnen zijn een leefbaar businessmodel op poten te zetten. Het liefst op een transparante manier en zonder overal betaalterminals neer te hoeven planten.

Dus ja, van mij mag een blogger of andere uitgever inkomsten halen uit online reclame. Zeker als ik op die manier helemaal gratis en voor niks toegang krijg tot zijn/haar onversneden gave artikelen.

Bedenk trouwens ook dat de meeste van de banners tenminste de verdienste hebben onmiddellijk als reclame herkenbaar te zijn. Iets wat lang niet altijd het geval is met affiliate links en advertorials bijvoorbeeld! Dus waar klagen we eigenlijk nog over?

Overigens heeft het gebruik van adblockers ook zo zijn nadelen. Veel vaker dan me lief is, is te horen dat zo’n adblocker (ook) niet zorgt voor een probleemloze gebruikerservaring. Het zou zomaar kunnen dat je een onvolledig artikel te lezen krijgt (als er achter een plaatje een affiliate-link verborgen zit, bijvoorbeeld). Bovendien, zo’n affiliate kan ook een leuke aanbieding verbergen. Zeker als je blogger met kennis van zake te werk gaat. Maar goed, Het is niet mijn taak het op te nemen voor adverteerders, bedrijven en organisaties.

Kiezen of delen

Advertentieblokken op een blog zijn voor jou als lezer buitengewoon storend? Fijn, maar wat belet je eigenlijk om het bewuste blog voor de rest van de tijd gewoon straal te negeren?

Ik begrijp ook best waarom iemand zijn toevlucht zou nemen tot adblocks. Advertenties allerhande verstoren soms danig het natuurlijke kijk- en zoekgedrag van moderne internetters. Dus beste uitgevers en adverteerders, houd het smaakvol, wees transparant (word niet de spreekbuis van elkeen die je een paar euro’s toewerpt), overdrijf niet en jaag lezers niet om de haverklap in de gordijnen. Dan komt zo’n bezoeker minder in de verleiding een adblocker te gaan gebruiken. En heb je jonge kinderen dan kan ik me goed voorstellen dat je ze wil beschermen tegen al te grote commerciële bombardementen.

Echter, volwassen, mondige en weldenkende consumenten/internetters – dat is toch het hokje waarin we onszelf graag onderbrengen – moeten in staat zijn om verantwoord met commerciële boodschappen om te gaan. Ook zonder adblockers! Indien dat niet het geval is zijn er slechts twee mogelijkheden: je blijft weg van het internet of je installeert een adblocker en je betaalt zonder morren voor je content overal waar je dat gevraagd wordt.

Wat kies jij?

Waarom “proberen” een vergif is

Zemanta Related Posts Thumbnail

“Probeerders zijn sukkelaars!” zegt mijn grootvader altijd. Nooit gedacht dat ik de volle draagwijdte van die woorden ooit zou kunnen proeven. Dat ik hem ooit zo toepasselijk zou kunnen citeren op Blogtrommel.com – de krasse 90-er heeft begrijpelijkerwijs weinig met het bloggen – evenmin.

Als het doel van je blog is dat je bezoeker iets van je leert, als je middels je blog je lezer wil overtuigen van je gelijk, dan zijn sommige (werk)woorden absoluut te mijden. Welke woorden dat zijn en waarom dat zo is, dat ga ik je nu proberen …. uitleggen.

Overigens niet alleen het werkwoord proberen is hier kop van jut. Ook om woorden als trachten, misschien, eventueel, pogen, poging doen tot, zou(den) mag in een grote boog heen gelopen worden. Toch als je ‘t belangrijk vindt dat je boodschap écht binnenkomt bij je lezer en/of wil doorgroeien tot een expert binnen je blogniche.

Slag om de arm houden…

Wat hebben deze woorden mij dan misdaan? Helemaal niks. In tegendeel: ik ben er zelfs een grote fan van en wie hier vaker komt lezen weet dat ik er ook veelvuldig gebruik van maak. Ik ben er namelijk als de dood voor om jullie het gevoel te geven dat ik schrijf vanuit de overtuiging dat ik de waarheid in pacht heb en dat alles wat ik hier verkondig te nemen of te laten is.

Nee, veel liever houd ik een slag om de arm, wil ik ruimte voor discussie voor iedereen die de moeite dit blog te bezoeken. Het kan niet de bedoeling zijn eenieder met een andere kijk op de zaak binnen de drie regels de gordijnen in te jagen. En misschien het allerbelangrijkste: op Blogtrommel.com moet ook plaats zijn waar enig mededogen heerst. Zowel voor medebloggers als voor jouw dienaar a.k.a. de maker van dit blog.

Enige zin voor nuance vind ik wel zo prettig. Dat is trouwens niet alleen een kwestie van nederigheid en sympathie, maar ook van wijsheid…

Al die bekommernissen uiten zich onder andere in een wat wollig en wijfelend taalgebruik. Dan komen de hierboven geviseerde woorden aardig van pas, natuurlijk.

…. of twijfel zaaien?

Die bedachtzaamheid, die compassie, allemaal goed en wel. Maar ik ben natuurlijk een blogger met een zekere expertstatus. Volgens sommigen althans. Kijk, en dan wordt die voorzichtigheid een beetje gevaarlijk. Want als expert hoor ik natuurlijk wat leiderschap uit te stralen. Zeker binnen mijn eigen competentieveld. Als ik speek dus of schrijf hoor ik op z’n minst met een overtuigend verhaal naar buiten te komen, een verhaal dat anderen enthousiasmeert en inspireert. De bedoeling is toch dat ik jou maximaal tot actie aanzet, toch? Liefst dan nog een actie die wat positiefs teweeg brengt als het om jouw blog gaat.

De vraag is dan hoe ik dat het beste aanpak.

Doe ik dat door jullie van meet af aan plat te gooien met mitsen en maaren (doorspekt met pogingen en probeersels allerhande)? Het voordeel is dat jij als lezer wellicht nog wat langer gaat nadenken. Maar als je dan uiteindelijk tot actie overgaat is de kans groot dat je wat meer beslagen ten ijs komt. Tenminste als er intussen van uitstel geen afstel is gekomen.

Of breng ik meteen een optimistische, zij het wat naïeve boodschap waarbij ik doelbewust elke kanttekening weglaat? Als het goed is krijg je als lezer een ferme trap onder de kont. Je komt razendsnel in actie, bereikt misschien snelle resultaten maar haalt niet het maximum uit je inspanningen omdat je bepaalde essentiële zaken over het hoofd hebt gezien of simpelweg niet hebt meegekregen.

Recept voor mislukking!

Even terug naar het vergif dat proberen heet. Het is opvallend hoezeer ons taalgebruik ons handelen beïnvloedt. Dat ons taalgebruik dus ook de uitkomst van ons handelen bepaalt, lijkt mij dan ook niet meer dan logisch. Welnu, proberen draagt de kiem van de mislukking in zich. Door dat verdomde woord te gebruiken zoek je al een excuus voor het niet behalen van je doel.

Je zegt: “Ik zal proberen een blog te starten (maar reken er maar niet op dat het ding volgende week online staat).” Je zegt: “Ik ga proberen vaker te bloggen (maar ik heb eigenlijk weinig tijd, dus reken me er vooral niet op af).

Proberen heeft hier verdacht veel weg van een eervolle mislukking. Meer nog: we dekken ons bij voorbaat in voor het niet behalen van ons doel, en dit vaak nog voor we zelfs maar GEPROBEERD hebben!

(ook) Wanneer het op succesvol bloggen aankomt is proberen gewoon geen optie. Je gaat er vol tegenaan, of je begint er simpelweg niet aan…

Werk aan de winkel

Aan dit recept voor mislukking wil jij als expert natuurlijk geen bijdrage leveren. Voor wat mezelf betreft is er heel wat werk aan de winkel om bovenstaand inzicht enigszins in de praktijk te brengen. Immers, scepsis is my middle name. En een tekst voelt verschrikkelijk onaf zonder een hele lading aan mitsen, maaren en probeersels…

wordt vervolgd…